Willems column: Doorleefd

Het is alweer zaterdag 13 februari. Het weerbeeld van vandaag is anders dan de afgelopen dagen. Niet echt winters, min 1 graad, maar ook niet een weertje om er lekker op uit te gaan, maar toch wel lekker loopweer.  Het zonnetje verdwijnt vrij snel achter een grijs wolkendek. Het kwik komt in de loop van de morgen slechts tot 2 graden, hoewel de gevoelstemperatuur door het koude schrale windje nog lager is. De zuidwester blaast op het eind van deze morgen guur en vrij krachtig.

De eerste training van deze cyclus waarin de afstand met een 3 begint. Inderdaad 30 kilometers moeten worden verorberd. Voor zo’n eerste hele verre afstand heerst er hier en daar nog onzekerheid. Kan ik het aan of niet? Er ligt nog een schaduw van aarzeling over heen, toch gaan de groepen met zelfvertrouwen dit avontuur aan.

Acht uur, de groep max 9.5 vertrekt. Cindy, Annemarie, Ietje, André en Ed onder begeleiding van een zeer goed ingepakte Georg op de fiets. Deze groep wordt vorm gegeven door ‘women power’, de dames geven het tempo aan. Wordt er echter op de fluit geblazen dan keren ze netjes om richting beide heren. En dat vrouwen kunnen multi tasken werd deze ochtend opnieuw duidelijk. Cindy toonde vol trots haar prachtige nieuwe witte  loophorloge. Cindy had het horloge echter niet ingesteld, omdat ze daar nog geen tijd voor had gehad, zei ze. Ze had ook kunnen zeggen dat ze niet wist hoe dat moest, maar ja dat geef je natuurlijk niet graag toe. Ed stelde voor haar het horloge in, zodat ze onderweg ook de route van het display kon aflezen. Ze heeft de hele route, met de linker arm omhoog en het horloge voor haar ogen, gelopen en het werkte qua routeplanning als een tierelier. Ze wist na afloop ook nog te vertellen dat het een hele mooie route was geweest. Hoe ze dit heeft kunnen zien is nog even een raadsel.

Om kwart over acht vertrekt de max 10 groep. Femke (vandaag beter bekend als ‘pinkie’), Inge, Francien, Lisette, Elly, Ger, Giel en natuurlijk begeleidster Hannie. Ze hebben er duidelijk zin in. De overtreffende trap hoeft niet meer, maar het moet wel blijven bewegen, bruisen en stromen en dat zit wel snor bij deze groep.

Het is half negen en de overige groepen gaan van start. Iedereen was netjes op tijd aanwezig, zoals het overigens ook hoort. Het advies, enige columns geleden aan John gegeven, heeft hij of niet gelezen of niet begrepen of niet willen begrijpen. Dat laatste zal wel het geval zijn. Hij maakte weer een rommelige, vliegende start en gelukkig ditmaal zonder blessure.

We hebben in Veldhoven niet, zoals in Eindhoven, een glow. Desondanks kunnen we  deze ochtend betitelen als een gloeiend goed begin. De groepen zaten meteen in een ‘glowflow’. Zo ontstaat een soort van magical mystery tour door een duister universum.

P1090887

Els en ik rijden met een lading thee naar de eerste post, Heiereind. We staan langs een weiland dat door de vorst met een zilvervliesje bedekt is. Een fantastisch gezicht, maar ook wel kouwelijk. We hebben het goed gepland. We staan slechts enkele minuten op onze post en de max 9.5 groep komt als wazige schimmen uit het Braambos. Ronduit betoverend lijkt de groep die uit dit lichtlijnenspel duikt, alsof een geest uit de donkere wolken verschijnt.

De warme thee wordt goed ontvangen, snel gedronken en dan weer verder. Het is toch te koud om lang stil te staan.

De groepen volgen elkaar snel op. De thee vindt gretig aftrek en iedereen is ook weer snel door. Het is voor iedereen hetzelfde, je moet met dit weer niet te lang blijven stilstaan. Ze willen vooruit kunnen kijken, het landschap overzien, de weidsheid voelen. Dan gaan de borstkassen open, worden de schedels gelicht en krijgen ze vleugels. Ze geven de controle uit handen, ze leveren zich over aan het ritme van de groep, je ziet het plezier er vanaf spatten. Beide benen op de grond, het hoofd in de wolken.

Els en ik pakken onze handel weer in en verkassen naar de driehoekige plaatse Schadewijk. De picknicktafel wordt ingericht en wederom hoeven we niet lang te wachten. De zweetlucht walmt ons tegemoet, de klamme geur van hardwerkende mensen.

De max 9.5. groep komt, drinkt en is weer door. De dames hebben last van koude bovenbenen en willen door. De heren volgen getrouw.

De groep max 11.5 met gastloopster Nicole, Hans, Leo, Arjan en Jeroen onder begeleiding van Evert arriveert. Deze groep was in het tweede gedeelte uit hun winterslaapje gekomen. In de eerste helft waren ze ondanks dat Evert in twee gevallen zei dat ze naar rechts moeten, linksaf geslagen en toen hij naar links riep, waren ze naar rechtsaf geslagen. Het zorgde wel voor de nodige hilariteit. Enige zelfspot is natuurlijk prima.

Hans, die bij de mooie gemeente Bergeijk werkt, vertelde tal van interessante verhalen en wetenswaardigheden. Bergeijk is de 2e Rietveld gemeente van Nederland en zo zag de groep naast het gebouw De Ploeg ook de opgeknapte Rietveld Abri en bushalte.

Nicole heeft met iedereen en iedereen heeft met haar kunnen bijkletsen. Het was weer enige tijd geleden dat ze haar ploegmaatjes had gezien. Ondanks dat ze wat minder is gaan trainen, zit het tempo er nog goed in en brengt ze vastberaden de mannen naar een hoger tempo.

Jeroen blijft bij de tweede post geblesseerd achter. Hij heeft last van tegenstribbelende kuiten en terugverende schoenen. Hannie stapt hier eveneens uit. Het gaat vandaag even niet en dan is uitstappen een verstandige beslissing. Ger V. en Femke nemen de honneurs van Hannie over; de ene let op het tempo en de andere op de route en zo loopt deze groep de dertig zonder problemen uit. Mooi staaltje teamwork.

De groep Karin, Jeroen, Patrick, Harold, Jaap, John en Roy onder begeleiding van Marjolijn zijn zowel qua performance als qua bezetting een constante groep. Het solide timbre is de thuisbasis van deze groep.

Ine, Karin L., Art onder aanvoering van Wally lopen ook als een Zwitsers uurwerk. Het tempo zit er zo ingemetseld dat je vooraf al weet dat er precies 10.5 kilometers per uur wordt gelopen. Het is de eenvoud die aanspreekt. Verende voeten en vloeiend armenwerk.

Soms vallen de bewegingen van diverse lopers samen, soms trekt de groep synchroon op, maar meestal gaan de lichamen hun eigen gang. Gestileerd, hoekig, sereen, vierkant en rond, iedere vorm komt voorbij.

Er staat het laatste uur een stevig windje op kop. Het windje op kop en de lange afstand zorgen bij menigeen voor stijve spieren. Een long en windy road, gezongen door vier Liverpoolse jongens, zou hier volledig tot zijn recht komen.

Aan het einde van deze lange route lopen enkelen niet meer, ze stuiteren als het ware over de weg. Ze dolen rond alsof ze uit het paradijs verstoten zijn, ontheemd. Ze lopen steeds bonkiger, maar aan het slot is daar weer die zinderende intensiteit, die het trainen voor een marathon zo koortsachtig maakt. Het is zo’n absoluut hurrggggggh-moment, het bereiken van die finish. Die finish betekent immers het einde van deze karakterafstand. Enkelen lijken bij aankomst op aliens die zo van de doeken van Jheronimus Bosch zijn gestapt. De gezichten ogen als een psychologisch landschap met rimpels als bergen, aders als rivieren en haren als steppegras en niet onbelangrijk een kleur als een ondergaande winterzon. Hoe vaak ik het ook zie, het blijft indringend. Juist vanwege dat contrast.

Een goede cooling down, gelukkig een warme douche en dan op naar de traktatie van Annemarie, Ietje en Rob. Het was weer smullen, bedankt.

Volgende week op naar de 35, maar vandaag toch nog even stilstaan bij Ietje, Inge, Karin L., André en Giel, die voor de eerste keer in hun leven deze afstand liepen. Giel heeft al wel eens een marathon gelopen, maar dat was in een vorig leven, dus dat telt niet meer mee. Allemaal, namens ons allemaal, gefeliciteerd.

Gita kwam tijdens de nazit nog even langs. Zij had in verband met haar ziekte alleen getraind en omdat het zo goed ging er ook maar meteen 30 kilometers van gemaakt.

Els en ik hadden bij de post Heiereind nabij het Braambos wel een voortdurend knakken gehoord toen de groepen er aankwamen, maar wij dachten dat dat schoenen waren die op verdorde takken trapten. Bij de nazit werd duidelijk dat dit niet het geval was. Draakje vertelde doodleuk dat ze knaktenen had. Als ze thuis de trap afliep dan knakten de tenen dermate dat het hele gezin er wakker van werd. Je zult het maar hebben; knakkerdeknak.

Vandaag was de afstand spannend en appelleerde aan een zekere sensatielust. Het prikkelde sportief de nieuwsgierigheid. Het was een mengeling van sciencefiction en fantasie. De route was een aftekening van de marathongroep; smaakvol, veelzijdig en doorleefd.

Tot zaterdag, groet Willem.

Geplaatst in Willems column