Willems column: Genieten

Genieten.

Het is vroeg, zeker voor iemand die altijd vakantie heeft. Het is kwart over zeven als ik baan 7 betreed. Het beeld dat tot mij komt heeft veel weg van een Hitchcock mysterie. De wereld ziet er wazig en zacht uit. Een atletiekbaan in het volle bronzige licht, de toegang tot de kantine wagenwijd open, een geroezemoes dat aanzwelt. En binnen een soort sekte met allemaal behoorlijk uitgedoste schimmige figuren. Maar het is geen roman, het is geen film, het is gewoon de tweede training van deze marathoncyclus.

Evert zit, zoals gewoonlijk, goedgemutst achter zijn tafeltje en houdt nauwgezet zijn administratie op orde. Frans, je weet wel die van de rode kolom, komt binnen. Ik bedank mijn goede vriend voor het schrijven van de column van afgelopen zaterdag. Een goed voorbeeld doet ongetwijfeld goed volgen. De volgende gastschrijvers zullen in september aan de bak moeten en zullen tegen die tijd geconsulteerd gaan worden. Vrijwillig aanmelden mag natuurlijk altijd.

Terug naar vandaag. De elitegroep is al voltallig en dus is het kletsen geblazen. Trees, Mary en Theo staan te trappelen om aan hun tweede etappe te beginnen. Ze zien geen beren, spoken of ander gespuis op de weg. Ze gaan er voor. Ze springen in het diepe, ze zijn niet bang voor de hoogte, de diepte, de verte, niet bang voor het ongewisse. Ze hebben samen een mooie historie, een eigen signatuur. Hun jeugdig enthousiasme is bijna niet te temperen. En als er één persoon is die het idee belichaamt dat marathonlopen een leven lang mee kan, dan is dat Rik wel. Rik is echter afwezig. Enigszins jaloers is iedereen op deze Rik. Hij is een van de weinige personen, zo niet de enige, die ik ken, die één week van te voren kan voorspellen dat hij er niet bij zal zijn. Het ligt dan niet, en dat met een knipoog, aan de temperatuur, maar aan een kaakontsteking die hij al een week voelt aankomen. Knap toch?!

Gisteren was het nog bloedheet met 31 graden Celsius. Een gevoelstemperatuur van maar liefst 40 graden. Maar zoals gewoonlijk in Nederland bij deze temperaturen werd de zon opgevolgd door fikse regenbuien. Het heeft de afgelopen avond en nacht voortdurend geregend, maar nu is het gelukkig droog. De bewolking heeft vandaag wel de overhand en met 15 graden bij de start hebben we op zich goed loopweer. Een briesje zorgt voor verkoeling.

Het is klokslag half acht en de elitegroep start met grijnzende gezichten. Gelet op het verbale geweld dat zij uitstootten hebben ze er zin in. Vandaag wordt het opnieuw, met 24 kilometers te gaan, een lekkere training. Veel plezier en tot straks.

De overige deelnemers druppelen gestaag binnen. Oude bekenden en ook een behoorlijk aantal nieuwelingen. Allebei leuk.

Evert neemt eventjes het woord en benadrukt, evenals bij de reeds vertrokken groepen, het belang van het juiste tempo lopen, waarbij het aangegeven tempo het maximum is, dus in principe moet je als groep daar iets onder lopen.  Bovendien vraagt hij iedereen een minuutje of tien voor de start aanwezig te zijn, zodat tijdig gestart kan worden. Terwijl Evert deze woorden bezigt loopt iemand met gezwinde spoed achter hem door. Rien, gebukt, versnelde pas, grote stappen, een soort vertolking van ‘gejaagd door de wind’. Rien bleek thuis al ruim twee uur, vanaf ongeveer zes uur, op de bank te zitten om tijdig naar het vertrek van zijn groep te gaan. Dit vertrek zou aldus Rien om half negen zijn, terwijl Rien de laatste veertig jaar steeds om acht uur is gestart met als laatste keer de afgelopen week. Het is vergeven, maar voor alle zekerheid: Aanstaande zaterdag; vertrek acht uur, aanwezig kwart voor acht! Karin heeft dan immers de koffie klaar staan.

De totale groep verlaat baan 7 en gaat op weg. Annelies en ik gaan ook. We hebben een nieuwe plek voor de verzorgingspost en wij verwachten dat we wel even moeten zoeken. Het integendeel is waar, Annelies rijdt als een volleerd rallychauffeur direct naar de plek; Achtereindsestraat- de Hurken. Annelies parkeert de auto op de inrit van een weiland en wij zijn er klaar voor. Na enkele minuten worden we ‘vriendelijk doch streng’ aangesproken door een boer. Hij moet, ondanks dat het zaterdag is, nog wel gewoon kunnen werken en wij versperren de inrit naar zijn weilanden. Wij hem uitgelegd dat een marathon lopen veel weg heeft van werken en dat het ook voor ons zaterdag is. Hij lacht als een boer………juist en laat ons tevreden achter. Een uitgesproken romantisch type, wellicht geschikt voor de volgende boer zoekt vrouw, alhoewel ik denk dat hij nog wel lang zal moeten zoeken.

De eerste groep arriveert bij de verzorgingspost. We hadden geen stemmen gehoord, alleen het ritmisch gekletter van een tamboerijn. Frans, mijn goede vriend van de rode kolom, had onderweg een tamboerijn gevonden. Hij kon het niet laten liggen want het verwees naar de band met zijn grote vriend. ‘Brand bier’!!, onder het motto: “Ge rammelt maar als ge dorst het!”. Rammelen is bij Frans in goede handen, zijn groepje stelde het minder op prijs. De mondhoeken van Frans krullen bijna om zijn oren. Hij is duidelijk happy in z’n uppie. Ik weet niet wat voor de groep erger is; rammelen of kletsen? De groep vertrekt weer, zelfs de stappen van deze groep lijken nu op tinkelende tamboerijnen.

Een goede bekende komt op zijn terreinfiets voorbij gesjeesd, groet in de vluggigheid en laat ons zijn gespierde kuiten zien. Even later arriveert Kitty met haar groep bij de verzorgingspost. Ze glimt van trots, want die gespierde kuiten waren van hare Henk, waarvan akte.

Van de andere kant nadert ons een groepje lopers. Twee dames en één man. Bij de verzorgingspost worden we met een grote lach begroet. Nog steeds even enthousiast, nog steeds even gedreven. Eén vergissing hebben ze echter gemaakt; ze lopen de verkeerde kant op en in de verkeerde groep. Ze horen toch nog steeds een beetje bij ons, dus in het najaar hopen we Elly en Lisette weer te begroeten. Ze vervolgen hun weg en wij wensen ze uiteraard veel succes en tot snel ziens.

De volgende groepen arriveren in een mooi tempo bij onze post. Bij de 10 kilometergroep, echt een grote groep,  is het even doorwerken, maar het is goed te doen.

Iedereen heeft z’n natje gehad en gaan verder richting Veldhoven. Annelies en ik ruimen de rommel op, groeten de boer en vooral zijn paarden, en gaan de groepen achterop richting Loon. Bij het Loon aangekomen worden de groepen opgeschrikt door een figuur in een gele jas, die aan iedereen vraagt: “Wil je mijn kies zien?!”. Wetboek van Strafrecht op nageslagen, maar dit oneerbaar voorstel blijkt niet strafbaar te zijn.

We stoppen even om Theo te vragen of hij nog wel door kon. Of hij niet in de bezemwagen wilde plaatsnemen. Hij kijkt een beetje flets voor zich uit. Het lijkt erop dat hij zijn ogen de hele nacht gemarineerd heeft in een witte wijnazijn. Het antwoord van Theo was duidelijk; hij had de afgelopen week moeten werken en was een beetje moe (lijkt Romario wel). De eigenlijke reden wilde hij verbloemen, maar dat lukte natuurlijk niet; misschien wel een beetje moe, maar Theo miste vooral zijn maatje Rik.

Annelies en ik rijden door richting GVAC. Onderweg passeren we de groepen en dat blijft toch wel een mooi uitzicht. Ik houd van dit perfecte volume, verleidelijk maar levendig, dat gulzige. Ze naderen de finish, langzaam, maar wel zeker.

De groepen arriveren stuk voor stuk bij de finish. De temperatuur was beter te hebben dan vooraf werd gedacht. Op het einde kwam de zon nog wel een beetje pesten, maar al met al was het goed te doen. Het is mooi om te zien; een volledig blanke loopgroep maar wel met een behoorlijke dosis soul.

Vorige week kreeg de groep van Marjolijn de gele trui vanwege het juiste tempo lopen en vasthouden. Deze week mogen ze die behouden, want wederom, evenals bijna alle andere groepen trouwens, perfect het juiste tempo gehanteerd.

Geen gele trui, maar wel een gele kaart gaat naar de 10,5 groep. Met zijn jeugdig elan, hij is immers voor de twaalfde keer 49 jaar geworden, ligt het tempo bij Harry en zijn groep op 10,6. Misschien nu wel lekker gelopen, maar vergeet niet dat de afstanden langer worden en het dus verstandig is om het tempo iets naar beneden te doen. En niemand weet het beter dan hij; het is namelijk hetzelfde als in het onderwijs: “De kracht zit in de herhaling!”.

De 11.5 groep had deze week een gastloper, namelijk John. Robert was benieuwd of John in lange etappes in staat zou zijn om te kunnen blijven praten. In de kleedkamer, onder de douche, werd opgemerkt dat John ook in zone 5 nog gewoon kan blijven kletsen.

Zoals het hoort wordt de cooling down afgewerkt, gedoucht en dan op naar het gebak. Mary, Nicole, Jan en Harold bedankt zowel voor het gebak als voor de schoonmaakbeurt van de kantine. Het gebak werd opgepeuzeld in wedstrijdtempo en dat is een goed teken. Een aantekening moet ik wel maken. Mary bedankt is in deze niet helemaal juist, het was namelijk haar zoon die de fantastische Brownie gemaakt had. Dus zoonlief enorm bedankt.

Na afloop van de training genieten we na onder het genot van deze traktaties en natuurlijk een drankje. Dit laatste is alleen mogelijk dankzij de altijd bereidwillige Jurgen en Peter. Ook jullie ontzettend bedankt!

Het was een mooie route, het was een perfecte training. Iedereen is gefinisht en er waren geen blessures. Volgende week gaan we weer iets verder. Maken we weer een stapje. Op weg naar het ultieme. Volgende week wordt het weer een beetje afzien, maar vooral heel veel genieten.

Tot zaterdag, groet Willem

DSC02267

Geplaatst in Willems column